Roofbleien in Hongarije op Balaton en/of Tisza onder begeleiding van Willem Stolk
Hongaarse roofblei: krachtpatsers van het Balaton Meer!
Als iemand die vanaf het begin dat de roofblei in Nederland voorkwam door deze vis geïntrigeerd raakte en in eigen land inmiddels al de nodige ervaring bij het het vissen op deze tandenloze rover heeft opgedaan, toog Willem Stolk ter lering en vermaak naar Hongarije om daar nog meer kennis over de roofblei op te doen. In Hongarije is de roofblei immers een inheemse vis en lopen er enkel doorgewinterde specialisten rond.
Het is een fraaie woensdagmiddag. Ik ben aan het werk in de tuin, als plotseling de telefoon gaat. “Willem you must come over. The asp are here!” Het is Tom Walter die me belt. Tom is een witvisser pur sang en wereldkampioen 2004. Tom vist daarnaast echter ook graag op roofblei. Ik kwam met hem in contact doordat we diverse artikelen over hem publiceerden in Witvis Totaal. De sympathieke Hongaar is mij kennelijk niet vergeten. Hij weet dat ik graag eens wil vissen op roofblei in Hongarije en ik krijg nu de kans om eindelijk eens zelf te aanschouwen wat de mogelijkheden in het buitenland zijn en of dat alles wel waar is. Er wordt namelijk zo veel beweerd over (grote) roofbleien.
Weg! Tja, en dan moet je snel zijn. Ik heb werkelijk al mijn spullen laten vallen, via internet een vlucht geboekt en weg ben ik! Want wat wil je, als je hoort dat er grote scholen roofblei op het Balaton Meer binnen werpafstand zwemmen? En als je daarnaast de kans krijgt om met lokale specialisten op pad te gaan? Een dergelijk gelegenheid doet zich niet vaak voor. Tom heeft me verteld dat roofbleien in het najaar grote scholen vormen en dat het vanaf eind september tot en met eind oktober mogelijk is om op het Balaton Meer gericht op roofblei te vissen. Dat is een prima tijd voor sportvissers, want het meer is 's zomers afgeladen met toeristen. Dat is niets voor mij. Duizenden toeristen verbrengen dan hun vakanties door rondom en op het meer en kun je rustig vissen vergeten. Opgevangen door Tom gaan we in Budapest eerst naar een tweetal winkels waarvan hij eigenaar is. Het zijn twee kleine winkeltjes die midden in TESCO-warenhuizen zijn gevestigd. Deze enorme warenhuizen trekken dagelijks ruim tienduizend mensen en zijn zeven dagen per week open. En dus ook de hengelsportwinkels van Tom. Ze zijn weliswaar klein, maar de omzet is groot. De Hongaren vissen vooral op karper, witvis, roofvis en slechts zelden op roofblei. Diegenen die dat wel doen, zijn echte liefhebbers en juist met hen wilde ik graag eens vissen en praten.
Niet per definitie een riviervis! Ik heb het voorrecht om met enkele zeer ervaren vissers te praten over roofblei en het valt me meteen op dat ze allemaal spreken over roofbleien die in meren zwemmen. Ze vinden het geen specifieke riviervis, maar juist eerder een vis die goed gedijt in stilstaand water en bij voorkeur in grote meren. En vooral de grotere vissen zwemmen kennelijk juist in die grote meren en niet in de rivieren. Wat een grote roofblei is voor Hongaren, wil ik natuurlijk ook weten. De verhalen over dikke metervissen doen al jaren de ronde. Ik heb er alleen zelf nog nooit een in levende lijve of zelfs maar op een foto gezien. Als ik mijn vraag stel, is het antwoord eensluidend: “Een grote roofblei bij ons heeft een lengte van ongeveer 80 centimeter”. Gemiddeld zijn de roofbleien in Hongarije kennelijk wel groter dan in Nederland, maar vissen van een meter kunnen ook deze specialisten niet bevestigen. Ook zij hebben verhalen gehoord, maar nog nooit enig bewijs gezien. De verhalen over dergelijke grote vissen worden overigens ook in Hongarije verteld. Op het Balaton Meer schijnen ze ook te zitten, want in de zomermaanden worden echt grote vissen gezien, maar niet gevangen. In de rivier de Duna, een rivier vergelijkbaar met de Waal, zit ook voldoende roofblei om gericht op te vissen. Hier zitten ze echter veel meer verspreid. De beste tijd om op de Duna te bevissen zijn ook de maanden september en oktober. Grotere scholen roofblei worden meestal rond half oktober gespot. Ik ga daarom zeker nog eens terug om met mijn eigen boot op de Duna te vissen. In Nederland wordt vooral gevist op de grote rivieren, maar meldingen van vangsten op kanalen, plassen en andere wateren komen veelvuldig voor. Het gaat dan weliswaar nog vaak om incidentele vangsten, maar het aantalen meldingen stijgt ook hier. Ik geloof dus best dat roofblei goed kan gedijen op plassen, meren of grote zandafgravingen. Het voedselaanbod zal waarschijnlijk de doorslaggevende factor zijn. Op het Volkerak, Gooimeer, Lithse Ham, Maasplassen Kerkdriel, Maas & Waalkanaal, overal zijn ze de afgelopen tijd gevangen. Ik hoor ook steeds vaker dat mensen gericht op roofblei gaan vissen buiten de rivieren en dat kan kennelijk een goede keuze zijn.
Alleen werpen indien nodig Het moment is aangebroken; het Balaton Meer ligt voor ons. Een enorm meer met zeer veel mogelijkheden. De oneindige, ondiepe oeverzones liggen er prachtig bij. Het is dan ook de bedoeling om wadend te gaan vissen en niet vanuit een boot. Tom heeft me verteld dat het echt een visserij gaat worden die is te vergelijken met jagen. Dat zal dan voor mij iets totaal anders zijn, omdat ik in Nederland veel meters maak, dus veel verkas en dan bovendien ook veel werp. Hier gaat het anders. Je loopt het water in en je gaat op zoek naar roofblei. In eerste instantie lijkt dat simpel, maar je moet echter leren om overal op te letten. Plotseling ziet Tom dat er ongeveer 100 meter links van ons roofbleien aan het jagen zijn. In eerste instantie zie ik niets. Geen opspattend water, geen kolken, niets! “Wat zie je dan”, vraag ik hem. “Kijk naar die meeuwen”, zegt Tom. En inderdaad, een groepje meeuwen cirkelt zenuwachtig boven een plek waar heel af en toe slechts een klein visje uit het water springt. Geen grof geweld dus, maar slechts wat kleine kringetjes die echter wel van belang blijken te zijn. We lopen rustig naar de plek en komen er niet te dichtbij, maar ook weer niet te ver ervan af. Mede daarom is het gebruik van hengels vanaf 2.70 meter tot 3,00 meter noodzakelijk. We moeten immers gemakkelijk 50 meter ver kunnen werpen en soms nog verder. Het is nu zaak om ons kunstaas naar de hot spot te werpen. Tom plaatst als eerste en met uiterste precisie zijn kunstaas tussen de school jagende roofbleien. Als de pilker en vlieg het water raken, begint hij snel te draaien en vrijwel meteen is het raak! Een mooie vis pakt gulzig zijn pilker. Ik kan de eerste Hongaarse roofblei aanschouwen. Tijdens de dril van deze mooie vis hebben we gezien dat de meeuwen steeds agressiever zijn geworden. Ze duiken nu tussen de visjes in het water; een fraai gezicht. Ik dacht dat de school vis daardoor wel snel zou verdwijnen, maar het tegendeel is waar. En onder water gaat het er ook steeds heftiger aan toe. Kolken zijn nu wel zichtbaar. Ik plaatst snel mijn kunstaas tussen de actieve school vissen en ook bij mij duurt het slechts enkele seconden voordat ik een keiharde aanbeet krijg. Een mooie vis heeft zich vol op mijn kunstaas gestort en geeft fors tegengas. Niets lijkt de school te verschrikken en we vangen samen ruim 20 vissen uit het inmiddels kokende water. Plotseling verdwijnen echter de meeuwen en krijgen we ook geen aanbeet meer. Weg! Alles weg! Waarschijnlijk heeft elke roofblei zijn buik vol. Wat een ervaring! Samen lopen we honderden meters verder door het water. We spreken geen woord met elkaar, maar al onze zintuigen staan op scherp. Ruim anderhalf uur lopen we door het water zonder ook maar één keer in te werpen. Dat is ook niet nodig als je geen vis ziet. Een totaal andere aanpak als bij ons dus. Wachten en waden is het devies. Zie je activiteiten in, op of boven het water, neem dan de tijd. Ga niet te gehaast werpen, kijk gewoon even wat er gebeurt en sla dan toe. De scholen roofbleien die op het meer verblijven in deze periode van het jaar zijn soms erg groot. Dat wil zeggen dat er soms wel honderden vissen van fors formaat (60 – 80 centimeter) langs de ondiepe oeverzones op zoek zijn naar het broodnodige voedsel om de winter te kunnen doorstaan.
Hongaarse rig Na bijna twee uur waden is er een school roofblei actief in een haven. We kunnen tot aan de rand van de haven waden. Verder gaat niet omdat het te diep wordt. Ik besluit om aan wal te gaan en rustig vanaf de steigers de jagende vissen te bekijken. Het is wederom prachtig om te zien hoe de ene na de andere roofblei zich met volle overgave en uiterste precisie in de school prooivisjes stort. Ik kan het natuurlijk toch niet laten en werp mijn Hongaarse rig er tussenin en…bang! Een megaknal op de pilker en een gierende slip. Wat is dit mooi! Ik vang een fraaie vis met een aardige bobbel op z’n kop. En ook Tom vangt weer enkele mooie vissen. Hij is in het water gebleven en kan door enkele verre worpen te maken de roofblei bereiken. Hij vangt er zelf twee tegelijk! Reden genoeg om uit te leggen met welke kunstaascombinatie Tom vist. Hij heeft een fluorocarbon voorslag van 28/00 en een lengte van 1 meter genomen die met een wartel aan de hoofdlijn is bevestigd. Onder aan de onderlijn hangt een Hongaarse pilker van 20 tot 40 gram en door het onderste oogje van de wartel heeft Tom een fluorocarbon lijn van 28/00 en 25 centimeter lengte geknoopt met op het eind een streamer. Aangezien ik open sta voor nieuwe ideeën, heb ik behalve enkele streamers geen kunstaas meegenomen. Wanneer Tom op roofblei vist in deze periode van het jaar, dan gebruikt hij altijd een Hongaarse rig. Doorgaans gebruikt hij pilkers van 25 gram met daarop een dreg. De pilker is niet van een kleur voorzien, maar heeft gewoon de grijze kleur van het lood. De kleur van de streamer is meestal wit. Wanneer er vissen worden gesignaleerd wordt de Hongaarse rig naar de school vissen geworpen, nu eens midden in de school, dan weer ernaast of erover heen. Meteen nadat de pilker het water raakt, moet er worden begonnen met het binnendraaien. Het is de bedoeling dat de top van de hengel omhoog wordt gehouden en de streamer over het wateroppervlak ketst. Geloof het of geloof het niet, maar een op een dergelijke manier gepresenteerde streamer wordt razendsnel gepakt. Ze komen hem gewoon van de oppervlakte wegsnaaien. Maar de pilker wordt niet alleen als werpgewicht gebruikt, want de ene keer vang je aan de streamer, de andere keer aan de pilker. En soms aan beide, zoals Tom heeft gedemonstreerd. En zoiets geeft natuurlijk een flinke dreun op de stok. Zoals eerder aangegeven, gebruiken we hengels van 2,70 meter tot en met 3,00 meter en een molen uit de 4000 serie met daarop een soepele gevlochten lijn van 15/00. We hebben de slip van de molen zo afgesteld dat die bij een aanbeet gemakkelijk lijn afgeeft. Niet te strak dus. We krijgen soms namelijk aanbeten vlak voor onze voeten en ik hoef denk ik niet te vertellen wat voor kracht er dan op de lijn, hengel en molen komt te staan.
Uitslovers In Hongarije is het vissen op roofblei een plezierige bezigheid. We hebben het meer voor ons alleen. De andere vissers die er zijn, vissen op snoekbaars, karper en meerval. Op roofblei vist hier slechts een enkele uitslover die dit doet omdat hij het leuk vindt. Er wordt in Hongarije nog heel veel meegenomen voor de pot. Zelfs barbelen eten de Hongaren graag. Roofblei gaat daarom in Hongarije ook mee naar huis en daarom staan veel mensen dan ook raar te kijken dat we telkens onze vissen terugzetten. Het jagend en wadend vissen op roofblei is erg spannend. Je loopt uren door het water en ziet van alles. Het kan echter zijn dat je twee uur loopt zonder ook maar één keer te hebben geworpen. Je richt je uitsluitend op aanwijzingen die de aanwezigheid van roofblei verraden. Dat zijn niet alleen heftig jagende roofbleien die het water doen kolken, maar evengoed meeuwen die het water afzoeken naar jagende scholen roofblei. Het lijkt erop dat die meeuwen precies door hebben wat er gebeurt. Ze vliegen als helikopters in formatie vlak over het water en wanneer ze stoppen, dan is het 9 van de 10 keer raak: een school jagende roofblei! Dan is het zaak om vooral rustig naar de betreffende plek toe te gaan om vervolgens je slag te slaan. De laatste dag zijn we aan de zuidkant van het meer al uren aan het waden, als we ver weg telkens meeuwen erg zenuwachtig heen en weer zien vliegen. Als we na een half uur in de buurt komen, kunnen we zien dat zich een enorme school roofblei op een dieper gedeelte ophoudt en werkelijk enorm agressief aan het jagen is. We kunnen deze plek helaas niet bereiken, maar met behulp van een verrekijker kunnen we zien dat het om enorme vissen gaat. Het lijkt wel of er bakstenen in het water vallen. Wat een geplons! Het vissen op het Balaton Meer op roofblei mag onder andere om deze reden uniek worden genoemd. Hoewel je er slechts beperkte tijd effectief vist, zijn vangsten van ruim 20 vissen per persoon per dag zonder meer mogelijk, waarbij het tijdstip op de dag niet van belang schijnt te zijn. Tom en ik hebben elke dag ruim 40 roofbleien gevangen en dat waren allemaal vissen van een mooi formaat; tussen 60 en 80 centimeter. We hebben geen enkele vis gemeten, want of een vis nou 79 of 84 centimeter is, het gaat om het gevoel, de aanbeet, de spanning. En dat allemaal wil ik volgende keer ook weer ervaren, als ik terugkeer om op de Duna op roofblei te gaan vissen. En ondertussen zal ik de Hongaarse rig in ons eigen land uitproberen.